Ad de Keijzer
Gestruktureerde ruimte, 1974
Op een van de mooiste plekken van Gorinchem, Buiten de Waterpoort, staat het werk van Ad de Keijzer. Deze Gorcumse kunstenaar daagt u uit: Loop er eens doorheen, hoor de wind die er doorheen blaast, ruik de rivier. Bekijk het van onder tot boven, schuin en recht, vanuit alle hoeken. Er zijn wel veertig manieren om dit werk te ervaren. De Keijzer hield van de strakke lijnen die de rivier en het landschap openbaren, de ruimte. Die vind je terug in zijn werk.
Ook dit werk is een abstract staaltje geometrie, die u vaker op deze kunstroute van het Symposion zal tegenkomen, maar zeker ook speels bedoeld. De “gestruktureerde ruimte”, de officiële titel, is een optisch speelplastiek. Het gaat niet zozeer om die negen stalen palen in zwart/wit, De Keijzer wil dat mensen ruimte ondervinden en beleven. Verbind je de negen palen met denkbeeldige lijnen kan zich daar plots een grote kubus van 3 bij 3 bij 3 meter of acht kleinere kubussen vormen.
De installatie kreeg al gauw de bijnaam ‘De Meerpalen’. En als je er rondloopt is dat zo gek nog niet. Het roept associaties op met de grote zwart-witte houten bolders waar de schepen hier bij Gorinchem aanmeren. De kunst zit echter in de veel grotere verbeelding en zijn precisie. Aan deze installatie liggen minutieuze werktekeningen ten grondslag net als bij zijn reliëfs en ander werk. Ze hebben een subtiele interactie met de omgeving en dagen de kijker uit. Dat maakt zijn kunst intuïtief en zelfs meditatief.
Zelf zei hij: “Ik wil een soort spanning creëren tussen wat concreet aanwezig is en dat wat denkbaar is. Mijn lijnen moet men doordenken.”
Over de kunstenaar:
Als tiener was Ad de Keijzer (1923-1997), geboren in Arkel, al aan het schilderen, in het bedrijf van zijn vader en later op het doek. Eerst nog figuratief, maar zijn werk werd steeds abstracter. Daarin speelde zijn voorliefde voor geometrische vormen zeker een rol.
De driehoek, cirkel, het vierkant, de lijn zaten al heel lang in de mens en verwees naar de natuur, liet hij zien in zijn boekenverzameling met onder meer Afrikaanse en oud-Griekse kunst. De geometrische vormen waren ook prominent in het werk van de hem nabije kunstenaars Mondriaan en Ad Dekkers.
Onmiskenbaar is ook de invloed van techniek. Dat hij tekenleraar werd aan de Lagere Technische School in Gorinchem lijkt een roeping. Van zijn gave als leraar heeft ook het Symposion 1974 geprofiteerd. Als geen van de anderen wist hij het doel van de manifestatie (een brug slaan met arbeiders in de bedrijven die de Symposion-kunstenaars hadden ‘geadopteerd’, en de ‘gewone’ burgers) daadwerkelijk te bereiken. Met vrijwilligers en leerlingen werkte hij niet alleen aan het eigen project, maar ook aan het Spiegelhuisje van de Italiaanse collega Alviani.
Hij exposeerde in Italië, Finland, Kroatië en regelmatig in Duitsland waar hij in 1986 deelnam aan een symposium in Kleinsassen met een soortgelijk ideaal als in Gorinchem. In zijn latere leven kwam er meer waardering en een opvallende omslag. Hij trouwde met de Belgische kunstenaar Jacqueline Vanlandschoot en waar voorheen zijn werken in wit, zwart en grijs werden uitgevoerd, kregen zijn jongste reliëfs kleuren als okergeel en donkerrood.
Sponsors:
- Loodgietersbedrijf Gebroeders de Heus
- Nederhorst Staal b.v.
- Sigma-rouf
- Bouwbedrijf Vermeulen
- Van Neerbos b.v.
- Betonmortelcentrale
- Diverse hulpkrachten













