Gerard Höweler
Zonder titel, 1986
Op het grasveld voor het appartementengebouw Nijehove staat een sculptuur van Angola graniet van beeldhouwer Gerard Höweler. Het werk bestaat uit drie pilaren die diagonaal op elkaar zijn geplaatst. De verhoudingen binnen het kunstwerk worden bepaald door de afmeting van de kleinste pilaar.
Deze vormt de basis en ondersteunt een tweede pilaar die precies twee keer zo groot is. Daarboven ligt de derde pilaar, die driemaal zo groot is als de eerste. Zo ontstaat een trapsgewijs groeiende compositie, gebaseerd op eenvoudige wiskundige verhoudingen.
Lijnen verdelen het beeld, terwijl de blokken afgeronde zijkanten hebben en hol van vorm zijn. Door het contrast tussen de ronde, holle vormen enerzijds en de rechte, diagonale lijnen anderzijds, ontstaat een dynamisch geheel. Het harde, zware graniet lijkt hierdoor licht en bijna in beweging.
Het beeld werd vervaardigd door Gerard Höweler, die bekendstaat om zijn werken in hardsteen, vaak gemaakt voor de openbare ruimte. In Gorinchem zijn twee sculpturen van zijn hand te vinden.
Beide werken werden geplaatst op initiatief van Symposion en bekostigd via de zogenoemde 1%-regeling. Deze regeling houdt in dat bij nieuwbouw, verbouw of aankoop van gebouwen door het Rijksvastgoedbedrijf – met een waarde van meer dan één miljoen euro – één procent van het budget bestemd wordt voor de aanschaf en plaatsing van beeldende kunst.
Over de kunstenaar:
Gerard Höweler (1940–2021) werd geboren in Bandjermasin, op het Indonesische eiland Borneo, waar zijn vader als zendingsarts werkte. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het gezin geïnterneerd in Jappenkampen. Zijn moeder, eveneens arts, verdween in die periode en keerde nooit terug.
Na de oorlog groeide Höweler op in Baarn. Hij volgde eerst de Zeevaartschool in Amsterdam en voer enige tijd op de grote vaart. Deze loopbaan beviel hem echter niet. Tijdens zijn reizen ontmoette hij zijn toekomstige vrouw, Yvonne Kracht – tekenaar, schilder en beeldhouwer – die hem stimuleerde zijn koers te verleggen naar de beeldende kunst.
Op jonge leeftijd besloot hij alsnog te gaan studeren aan de Gerrit Rietveld Academie in Amsterdam. Daar kreeg hij van 1963 tot 1969 les van beeldhouwer Carel Kneulman.
Als kunstenaar werkte Höweler met grote stenen, zoals monolieten en zwerfkeien. In zijn werk zocht hij steeds de spanning tussen tegenstellingen: natuurlijke en geometrische vormen, ruwe en gepolijste oppervlakken, gesloten volumes en open vlakken. Zijn sculpturen gaan vaak een dialoog aan met hun omgeving, en met name met water. Dat levert een interessant contrast op tussen de statische aard van het steen en de voortdurende beweging van het water.








