Jan van Munster
Energiecirkel, 2005
Al vanaf de snelweg is er een lichtbaken voor Gorkumse forensen die thuiskomen. Een grote cirkel die ’s avonds in verschillende neonkleuren oplicht. Hij staat op het dak van Deli Home aan het Stadhuisplein. Vanaf het plein stralen de kleuren groen, blauw, geel en oranje de voorbijganger omfloerst tegemoet.
De cirkel is een lichtsculptuur van Jan van Munster, gemaakt van transparant plexiglas en neon. Die heeft hij gemaakt in het kader van het Symposion in 2005. De bewoner van het gebouw was indertijd zorgverzekeraar Trias/VGZ, hoofdsponsor van de kunstmanifestatie. Die heeft het werk aangekocht.
Vanaf 1986 koos de kunstenaar bewust voor de vorm van een cirkel omdat energie zich vaak manifesteert als een kringloop. Die energie staat centraal, de geometrische vormen zoals lijnen en cirkels zijn slechts middelen. “Mijn werk is niet abstract, het gaat over emoties, aantrekking en afstoting”, zegt hij in 1978.
Er is meer kunst van Jan van Munster te zien in deze stad. De Brainwave, die uitgebreid besproken wordt in deze toer is eveneens in 2005 gemaakt in het kader van Symposion. Een neonwerk uit 1989, Lichtwerken, luistert de entree en foyer van schouwburg De Nieuwe Doelen op. In het Wilhelminapark Buiten de Waterpoort ligt het beeld Zwerfkei Plus Minus uit het jaar 1990 -’91, dat hij in samenwerking met Ewerdt Hilgemann vervaardigde. Het bestaat uit twee delen, waarbij van een grote donkere granieten eivormige ‘zwerfkei’ perfect glad doormidden is gezaagd. In de twee glad bewerkt vlakken zijn respectievelijk een plus en een min zijn aangebracht, de tekens van de twee elektrische tegenpolen die de spanning tussen de polen representeren. Bij het oude stadhuis, nu het Gorcums museum, wordt de klok op de gevel geflankeerd door een Plus en Min uit 1995.
En dan is er nog het oudere werk, voordat energie zijn uitgangspunt werd. In het Paardenwater drijven de polyester Dobbers uit 1968, in de volksmond vanwege hun fierheid ook wel de flamingo’s genoemd. Een beeld van een Moeder en kind uit 1965 was decennialang te zien op de gevel van de oude Nijverheidsschool en tegenwoordig op de gevel J.P. Waaleschool in de Herman de Ruyterstraat.
Over de kunstenaar:
De weg die Jan van Munster (Gorinchem, 1939-2024) koos was geen makkelijke. Maar opgegroeid in een Gorkums domineesgezin met twaalf kinderen en armoede, had hij leren vechten. En dat was nodig. Want wie in plaats van de patisserie voor vrijheid en de kunsten kiest, ontkomt niet aan harde confrontaties, vooral met zichzelf. “Niemand zit op kunst te wachten, maar zonder kunst kunnen we niet leven”, vat hij die strijd samen in een korte documentaire uit 2021.
Er waren moeilijke periodes. Maar zijn fascinatie voor tegenstellingen dreef hem door te gaan: licht-donker, warm-koud, aantrekken-afstoten, plus-min, stilte-geluid. De spanningen die dat oproept vertaalde hij in zijn werk. Als materiaal begon hij licht te gebruiken, gevat in geometrische vormen en eenvoud. Lichtkunst was geen doel op zich, Van Munster wilde geen lichtkunstenaar worden genoemd. Het was de energie, de kracht die loskwam die hem boeide.
Dat leidde ook tot onderzoek naar interactie tussen koud en warm, magnetische velden, geluid en energie in de mens zelf. Het resulteerde in Minus is Plus, IJstafels, Warm Kruis, Ronde Driehoek, Energie Cirkels, Tears from Heaven en nog veel meer, te zien bij exposities in tal van Europese landen, Japan en de Verenigde Staten.
Veel sculpturen zijn buitenwerken, vaak vergezeld met humor. In de tuin van het Kröller- Müllermuseum staat Battery For Five Fingers (1995), een granieten bol met vijf gaten om je via je vingers ‘op te laden’. Met een doorsnee van 172 cm, de lengte van zijn lichaam die hij vaker als maatstaf gebruikte. Langs de A12 bij Ede staat de 22 meter hoge ‘Grasspriet met veel Energie’ (2004) die ook ’s nachts zichtbaar is als groen neonlicht.
Voor zijn “eigenwijze” oeuvre kreeg hij in 2002 de Wilhelmina-ring. De jury herinnerde hem aan een eerdere uitspraak: “Duidelijk is dat ik geen rekening houd met zoiets als de wetten van de beeldende kunst”. Zijn werk was dus te zien in allerlei groepsexposities, ook met de jongste generaties. Hij bleef ook oog houden voor andere kunstenaars en andere kunstvormen. Hij richtte de Stichting Plus Min op in Renesse en later – na verhuizing – de Stichting IK in Oost-Souburg waar kunstenaars werden uitgenodigd voor een werkperiode en een tentoonstelling.
Zelf werkte hij door hoog boven op de watertoren in Oost-Souburg. “Met pensioen? Wij kunstenaars werken tot onze dood. ” Inderdaad! In zijn laatste vijf jaar was hij betrokken bij 77 exposities en ontving hij nog de Deutscher Lichtkunstpreis (2020). “Zijn nieuwsgierigheid, creativiteit en toewijding zullen ons blijven inspireren” , schreef het Museum Voorlinden in een memoriam.
Stichting IK is nu gevestigd in Middelburg net als Studio Jan van Munster. Bea Weuthen zet die voort volgens zijn wens en in zijn geest.









