Zdenek Sykora

Tegelstruktuur, 1974

Hier bent u bij het tegelwerk van Zdenĕk Sýkora. Een kunstenaar uit wat toen nog Tsjechoslowakije heette. De plek, het Kazerneplein, waar tot 1967 soldaten rondliepen, geeft enigszins een dubbel gevoel. Zes jaar voor het Symposion werd in Tsjechoslowakije de strijd voor meer vrijheid keihard gesmoord door Russische tanks en soldaten.

Het was de tijd van de Koude Oorlog. Bijna heel Oost-Europa lag achter het IJzeren Gordijn. En het was in 1974 helemaal niet vanzelfsprekend dat kunstenaars uit die contreien als vrije volgels naar het Westen konden uitvliegen voor een grote kunstmanifestatie.

En dat Gordijn bleef ook inderdaad gesloten voor Sýkora, evenals voor de uitgenodigde Russische Lev Nusberg. In een brief aan de organisatoren excuseert Sýkora zich dat het niet is gelukt om toestemming te krijgen voor de reis naar Gorcum.

Best bijzonder dus dat zijn werk hier nu te zien is. Het is bovendien een van Sykora’s weinige kunstwerken in de openbare ruimte. Hij hield het vooral op schilderen. Wel was hij een van de eerste kunstenaars die al in de jaren zestig een computer gebruikte voor zijn composities.

Met hulp van de computer gaf hij structuur, ook aan dit tegelontwerp. Alle halve tegels zijn horizontaal en verticaal in een gelijk aantal zwarte en witte per rij verdeeld over 85 vierkante meter. Tegelijkertijd kan je door de vormgeving een prikkelende onregelmatigheid ervaren. Probeer maar eens van zwart naar zwart of van wit naar wit te dansen zoals in 2005 bij de (her)opening van het tegeltableau op het Kazerneplein gebeurde.

Voordat het kunstwerk in 2005 naar dit plein kon worden verplaatst kwam overigens nog een uitdaging aan het licht voor de sponsor van Sýkora. Zoals alle kunstenaars was hij gekoppeld aan een bedrijf uit de omgeving. Die samenwerking was een unieke pijler van het Symposion 74. De zwarte en witte tegels van de betonfabriek uit Nieuw-Lekkerland bleken niet opgewassen tegen alle elementen, renovatie was noodzakelijk. De opvolgers van het familiebedrijf wisten de klus te klaren, zoals u ziet.

Over de kunstenaar:

Als een van de eerste kunstenaars die een computer gebruikte, kreeg Zdenĕk Sýkora (1920-2011,Tsjechië, in 1974 nog Tsjechoslowakije) bekendheid in het buitenland. Plus meer waardering dan in eigen land. Maar hij was “geen Computerman”, benadrukt zijn vrouw Lenka later in een reportage naar aanleiding van een overzichtstentoonstelling van zijn werk. Die expositie laat juist de hand van de meester zien, hoe hij begon met fotografie, gevolgd door kleurige impressies van landschappen in zijn omgeving. Later geometrische structuren, schilderijen met (wille)kleurige lijnen, werk gebaseerd op toeval.

Onder het communistische regime kreeg hij nauwelijks de kans voor exposities. Maar des te groter was de waardering voor zijn veelzijdige werk na de val van De Muur. Over de hele wereld is het te zien onder andere in het museum voor moderne kunst in Wenen, het Stedelijk Museum in Amsterdam en het Centre Pompidou in Parijs. Frankrijk benoemde hem ook tot Ridder in de Orde van Kunst en Letteren.

Zelf zei hij in een interview dat zijn ontwikkeling als kunstenaar erg traag ging. Met als omslag een bezoek aan de Hermitage in 1969 waar hij het vroege werk zag van de Franse schilder Matisse. “Opeens begreep ik de logica van de moderne schilderkunst, de afhankelijkheid van tekeningen en kleuren, licht en ruimte.”

In de jaren ’60 begon hij ook te werken met hulp van een computer. Die bracht roem maar ook veel kopzorgen. De ict-ers onder ons zullen dat herkennen: gaf hij – via de programmeur – een ‘open’ opdracht, dan leken de resultaten zo op elkaar dat er hij weinig mee kon. Alleen een beperkte opdracht gaf de nodige variatie. Tegelijk was het een monikkenwerk om de getallenreeksen en coördinaten uit te zetten op het doek voor het schilderen kon beginnen.

Het was dubbel: hij ontdekte in zijn werk “steeds iets nieuws”, maar hij voelde zich ook ‘slaaf van zijn eigen systeem’. Naast zijn ‘computerwerk’ bleef hij landschapsschilderijen maken. “Ik ben in de eerste plaats schilder en de computer dient me nog steeds alleen als een mechanische tas vol cijfers”, zegt hij in 1991 in een interview over computerkunst.

Sponsor:

  • Ad de Keijzer
  • Betonfabriek den Boer b.v.